Mijn inspiratie & Mijn methode

Mijn inspiratie & Mijn methode

Mijn eigen ervaring

Toen ik 10 jaar was ging ik van een Nederlandse basisschool naar de internationale school. Daarmee ging ik ook in één klap van het kennen van een paar woordjes en zinnetjes in het Engels naar alle lessen en alle interacties op school in het Engels. Heel spannend maar ook heel leuk en leerzaam. Met het betere handen- en voetenwerk had ik al snel vriendinnen en binnen 2 jaar was mijn Engels op het niveau van de andere leerlingen in mijn klas. Uiteindelijk heb ik op het hoogste moedertaalniveau Engels eindexamen gedaan en kan ik met recht zeggen dat ik een ‘native speaker‘ ben geworden.

Hoe dat gelukt is?

Ik had fantastische leerkrachten en docenten!
Zij maakten voor mij echt het verschil.

Mijn inspiratie

Mr. Blanch

Mr. Blanch, mijn ESL-leerkracht in de eerste twee jaar, leerde ons spelenderwijs Engels dat gericht was op communicatie en mee kunnen komen bij de andere vakken. Hij werkte met thema’s, gaf ons veel ruimte om te oefenen en te experimenteren en liet ons veel lachen. Iedereen mocht fouten maken, hij zorgde voor een heel veilig leerklimaat en hielp ons zelfvertrouwen opbouwen. Ik kan me nog steeds herinneren hoe indrukwekkend ik de film Gandhi vond die we in de les gekeken hadden en de gesprekken die we naar aanleiding daar van hadden over India, ongelijkheid en het belang van kleine dingen en gebaren.

Lotty

Lotty, mijn groepsleerkracht in het tweede jaar, zorgde er ook voor dat ik me veilig voelde in de klas als het Engels te snel voor me ging. Ik mocht altijd vragen om andere of extra uitleg en het was niet erg als ik fouten maakte. Aan de andere kant daagde Lotty me ook uit en stelde hoge verwachtingen aan me. Dat was lang niet altijd makkelijk en leuk, maar daardoor leerde ik wel snel en goed en kon ik ook op sociaal vlak meekomen met mijn klasgenoten. Doordat zij zoveel in mij zag ben ik veel meer geworden dan ik ooit zelf voor ogen had kunnen hebben.

Ms. Knox

Ms. Knox, mijn Engels lerares in de eerste en tweede klas van de middelbare, bracht mij de liefde bij voor de Engelse taal. De woordenrijkheid, de structuren, de nuances en de eindeloze communicatiemogelijkheden van het Engels liet ze ons ervaren door gezongen tekenfilmpjes over onderdelen van de grammatica, spelletjes als taboo, het samen en alleen lezen van boeken, verhalen en gedichten schrijven en het voeren van discussies. Er zullen ook zeker werkboeken zijn geweest met grammatica-oefeningen en woordjes, maar die kan ik me niet meer herinneren. Wel dat er veel ruimte was voor zelf-expressie en het gebruiken van de taal.

De basis voor mijn methode

Wat hadden deze leraren met elkaar gemeen? Waarom heb ik zoveel van ze geleerd?

Behalve dat het hele betrokken, warme mensen waren, hadden ze ook een soortgelijke visie op het lesgeven van en in de Engelse taal:

  • Taal was voor hen in eerste plaats een communicatiemiddel. Een middel om andere vakken te kunnen volgen, om klasgenoten en leraren te kunnen begrijpen, om te kunnen communiceren met vrienden en om jezelf te kunnen uitdrukken. Hoe beter je beheersing van de taal werd, hoe makkelijker en preciezer dit ging.
  • Engels werd geleerd vanuit het Engels. Oftewel: doeltaal = voertaal. Dit voorkwam verwarring en het steeds ieder woord in een zin moeten vertalen in je hoofd voor je ze uitspreekt.
  • Fouten maken mag! Door te zorgen voor een veilige leeromgeving werd er ruimte gecreëerd voor experimenteren en oefenen zonder bang te zijn om fouten te maken. Hierdoor bouwde we veel zelfvertrouwen op.
  • Plezier maken nam een belangrijke plaats in tijdens de lessen. Zoveel voor de leerlingen als voor de leraar zelf. Het plezier en het enthousiasme van de leraar en alle actieve werkvormen zorgden ervoor dat wij meer gemotiveerd en geïnteresseerd waren in de lessen. En we leerden daardoor echt meer en beter.
  • Ze hadden hoge (maar niet te hoge) verwachtingen van ons, waardoor we ons gedreven voelden ons best te doen en waardoor we meer geleerd hebben dan we van onszelf verwacht hadden. Tegelijkertijd boden ze de juiste hoeveelheid ondersteuning om ons stap voor stap verder te helpen.

Mijn methode

Deze kenmerken vormen nu voor mij de basis van hoe ik leerkrachten begeleid in hun professionalisering en hoe ik zelf les en training geef. Deze basis blijf ik aanvullen door te lezen en wat ik leer in het werk zelf. Een belangrijke toevoeging komt uit mijn werk als docent ‘vakdidactiek voor Engels’ aan de HAN PABO: Input voor output. Voordat je kunt verwachten dat jouw leerlingen/studenten/leerkrachten iets zeggen of doen (output), moet je eerst zorgen dat je ze geleerd hebt wat je wil dat ze doen (input).

Ik vind het heel belangrijk dat je in mijn lessen ervaart wat jouw leerlingen zullen ervaren als ze van jou op deze manier les zullen krijgen. Mijn motto is dan ook: “Teach what you Preach“. Dat houdt in dat de doeltaal ook in mijn workshops en cursussen de voertaal is. En dat ik hoge verwachtingen van je heb, want ik weet dat jij het kunt. Tegelijkertijd zal ik zorgen voor een veilige leeromgeving waarin je fouten mag maken, veel kunt oefenen in het communiceren in het Engels en veel plezier zult hebben.

Samen naar leuker én beter Engels

Mijn leerkrachten en docenten hebben écht het verschil gemaakt in hoe ik Engels heb geleerd en de liefde die ik voor de taal gekregen heb.

Jij kunt dit ook! Een leerkracht worden die het verschil maakt voor jouw leerlingen. Die vaardig en met vertrouwen en plezier leerlingen begeleid in het leren van de Engelse taal. En ik ga je daar mee helpen. Samen naar leuker én beter Engels!